Eigen zaak? Graag, maar wel in deeltijd
ZATERDAG 14 MEI 2011 Economie NRC HANDELSBLAD - Werk & Geld
DOOR Wilma van Hoeflaken
Eigen baas zijn en toch een vast inkomen uit loondienst. Meer dan 300.000 mensen kiezen hiervoor en hun aantal neemt snel toe. De opmars van de hibride ondernemer.
DOOR Wilma van Hoeflaken
Eigen baas zijn en toch een vast inkomen uit loondienst. Meer dan 300.000 mensen kiezen hiervoor en hun aantal neemt snel toe. De opmars van de hibride ondernemer.
Mensen die het ondernemerschap combineren met een baan in loondienst zeggen zelf dat ze het beste van twee werelden hebben. Ze hebben een vast inkomen, ze zijn verzekerd en ze werken samen met collega’s die ze goed kennen. Daarnaast hebben ze de vrijheid van de zzp’e r, dus ze bepalen zelf welke klussen ze doen en wanneer ze dat doen”, zegt Marcel Teunissen van RulersGroup, een bureau dat bemiddelt tussen opdrachtgevers en zelfstandige ict’e r s. Teunissen deed in oktober en in april op LinkedIn onderzoek naar de beweegredenen van zzp’ers (zelfstandige zonder personeel) in de ict.
„Veel mensen vinden de overgang van een vaste baan naar het ondernemerschap te groot”, concludeert hij. „Als ondernemer loop je immers meer financiële risico’s. Dan is het verstandig om het ondernemerschap in de beginfase te combineren met een vaste baan, liefst in deeltijd. Deze ondernemers nemen ontslag als hun bedrijf eenmaal goed loopt. Maar ik heb de indruk dat er daarnaast een groeiende groep is die bewust kiest voor de combinatie. Ze willen ondernemen, maar ook een vaste baan. Ze willen de vrijheid van de zzp’er, maar ook bij een organisatie en collega’s horen.”
Het aantal ondernemers-metbaan – in beleidsnota’s worden ze ‘hybride ondernemers’ genoemd – is groot. Volgens de Belastingdienst
heeft 45 procent van de zzp’ers ook een inkomen uit loondienst of pensioen. Volgens het EIM (Economisch Instituut voor het Midden- en kleinbedrijf) is een kleine 30 procent van alle ondernemers in Nederland een hybride ondernemer. „Dat die percentages uiteenlopen heeft te maken met de verschillende definities van zelfstandig ondernemerschap, bijvoorbeeld of je ondernemers met een BV wel of niet meetelt als zzp’er”, zegt Mieke van Westing van PZO (Platform Zelfstandige Ondernemers).
Ook zij constateert een toename van de groep ondernemers-metbaan. „In het verleden was er een duidelijke scheidslijn tussen werknemers en ondernemers. Tegenwoordig switchen mensen vaker. Ook de motieven om voor jezelf te beginnen, zijn anders dan vroeger. De traditionele ondernemer wilde winst maken. Uit onderzoek blijkt dat vandaag de dag andere drijfveren minstens zo belangrijk zijn. Mensenwillen afwisseling, meer vrijheid, zichzelf ontplooien, van hun hobby hun werk maken. Dan kan de combinatie van loondienst en ondernemerschap een goede oplossing zijn.”
Ook internet speelt een rol. Van Westing: „Werken hoeft niet meer tussen 9 en 5. Je kunt overdag een baan hebben en ’s avonds en in de
weekends je webwinkel runnen.” VanWesting verwacht dat het aantal ondernemers-met-baan blijft toenemen. „Het bedrijfsleven heeft behoefte aan speciale expertise voor kortlopende projecten. Dan nemen ze geen mensen in dienst, maar huren ze tijdelijk iemand in. Als het een klein project is, hoef je als zzp’er echt niet de hele week beschikbaar te zijn, duszulke klussenkunje goedcombineren met een baan in loondienst. Het hangt bovendien van het soort werkzaamheden af. Doe je werk waarbij je opkantooruren fysiek aanwezig moet zijn of kan het online in je eigen tijd?”
Naar hybride ondernemers is nog weinig onderzoek gedaan. Hoeveel uur ze als ondernemer werken en hoeveel uur in loondienst is niet duidelijk. Wel blijkt uit cijfers van de Belastingdienst dat tweederde van deze ondernemers jaarlijks minstens 10.000 euro loon of pensioen ontvangt. Zelfstandig ondernemers in de ict moeten minstens twee of drie werkdagen per week beschikbaar zijn om succesvol te kunnen draaien, vermoedt Teunissen. „Dan zijn er klussen genoeg, maar zelfs dan vallen er al opdrachten af. Bij een grote organisatie kom je niet snel binnen, want die willen graagmensenvoor vier dagen per week. Maar als je minder dan twee werkdagen per week in je eigen bedrijf kunt steken, wordt het lastig. Dan krijg je alleen eenmalige, kleine klusjes, zoals websites bouwen. Dan wordt de spoeling wel dun.”
In de ict is het al jaren gebruikelijk om zzp’ers in te schakelen. „Daar zag men al snel de voordelen, maar inmiddels zien ze dat in andere sectoren ook”, zegt Teunissen. „De zzp’er voert zijn opdracht uit en vertrekt als ij klaar is. Als hij ziek is, kost het de werkgever niets. Die manier van werken past bij deze tijd. De maatschappij raakt er steeds meer op ingesteld.” Alleen de wetgever moet nog wennen aan de ondernemer-met-baan, zegt Van Westing. „Je ziet dat beleidsmakers nog steeds niet weten wat ze met die zzp’ers aan moeten.
De overheid denkt heel traditioneel in werkgevers en werknemers die op kantooruren op een vaste plek aan het werkzijn, terwijl we inmiddels in een heel andere economie terechtgekomen zijn.” Zo is het voor deeltijdondernemers vaak lastig om door de Belastingdienst
erkend te worden als ondernemer. Hun inkomsten worden lang niet altijd beschouwd als winst uit onderneming, maar als resultaat uit overige werkzaamheden. „Daardoor missen ze niet alleen allerlei belastingvoordelen voor ondernemers, maar lopen ze soms ook
opdrachten mis. Hun opdrachtgevers willen er namelijk zeker van zijn dat ze als ondernemer worden gezien, om te voorkomen dat zij achteraf loonheffing moeten betalen”, zegt Van Westing. Sinds vorig jaar heeft PZO een zetel in de SER (Sociaal-Economische Raad). „Daar kaarten we ook de belangen aan van de hybride ondernemers. Maar voorlopig loopt de wetgeving nog ver achter op wat er in de
maatschappij gebeurt.”
„Veel mensen vinden de overgang van een vaste baan naar het ondernemerschap te groot”, concludeert hij. „Als ondernemer loop je immers meer financiële risico’s. Dan is het verstandig om het ondernemerschap in de beginfase te combineren met een vaste baan, liefst in deeltijd. Deze ondernemers nemen ontslag als hun bedrijf eenmaal goed loopt. Maar ik heb de indruk dat er daarnaast een groeiende groep is die bewust kiest voor de combinatie. Ze willen ondernemen, maar ook een vaste baan. Ze willen de vrijheid van de zzp’er, maar ook bij een organisatie en collega’s horen.”
Het aantal ondernemers-metbaan – in beleidsnota’s worden ze ‘hybride ondernemers’ genoemd – is groot. Volgens de Belastingdienst
heeft 45 procent van de zzp’ers ook een inkomen uit loondienst of pensioen. Volgens het EIM (Economisch Instituut voor het Midden- en kleinbedrijf) is een kleine 30 procent van alle ondernemers in Nederland een hybride ondernemer. „Dat die percentages uiteenlopen heeft te maken met de verschillende definities van zelfstandig ondernemerschap, bijvoorbeeld of je ondernemers met een BV wel of niet meetelt als zzp’er”, zegt Mieke van Westing van PZO (Platform Zelfstandige Ondernemers).
Ook zij constateert een toename van de groep ondernemers-metbaan. „In het verleden was er een duidelijke scheidslijn tussen werknemers en ondernemers. Tegenwoordig switchen mensen vaker. Ook de motieven om voor jezelf te beginnen, zijn anders dan vroeger. De traditionele ondernemer wilde winst maken. Uit onderzoek blijkt dat vandaag de dag andere drijfveren minstens zo belangrijk zijn. Mensenwillen afwisseling, meer vrijheid, zichzelf ontplooien, van hun hobby hun werk maken. Dan kan de combinatie van loondienst en ondernemerschap een goede oplossing zijn.”
Ook internet speelt een rol. Van Westing: „Werken hoeft niet meer tussen 9 en 5. Je kunt overdag een baan hebben en ’s avonds en in de
weekends je webwinkel runnen.” VanWesting verwacht dat het aantal ondernemers-met-baan blijft toenemen. „Het bedrijfsleven heeft behoefte aan speciale expertise voor kortlopende projecten. Dan nemen ze geen mensen in dienst, maar huren ze tijdelijk iemand in. Als het een klein project is, hoef je als zzp’er echt niet de hele week beschikbaar te zijn, duszulke klussenkunje goedcombineren met een baan in loondienst. Het hangt bovendien van het soort werkzaamheden af. Doe je werk waarbij je opkantooruren fysiek aanwezig moet zijn of kan het online in je eigen tijd?”
Naar hybride ondernemers is nog weinig onderzoek gedaan. Hoeveel uur ze als ondernemer werken en hoeveel uur in loondienst is niet duidelijk. Wel blijkt uit cijfers van de Belastingdienst dat tweederde van deze ondernemers jaarlijks minstens 10.000 euro loon of pensioen ontvangt. Zelfstandig ondernemers in de ict moeten minstens twee of drie werkdagen per week beschikbaar zijn om succesvol te kunnen draaien, vermoedt Teunissen. „Dan zijn er klussen genoeg, maar zelfs dan vallen er al opdrachten af. Bij een grote organisatie kom je niet snel binnen, want die willen graagmensenvoor vier dagen per week. Maar als je minder dan twee werkdagen per week in je eigen bedrijf kunt steken, wordt het lastig. Dan krijg je alleen eenmalige, kleine klusjes, zoals websites bouwen. Dan wordt de spoeling wel dun.”
In de ict is het al jaren gebruikelijk om zzp’ers in te schakelen. „Daar zag men al snel de voordelen, maar inmiddels zien ze dat in andere sectoren ook”, zegt Teunissen. „De zzp’er voert zijn opdracht uit en vertrekt als ij klaar is. Als hij ziek is, kost het de werkgever niets. Die manier van werken past bij deze tijd. De maatschappij raakt er steeds meer op ingesteld.” Alleen de wetgever moet nog wennen aan de ondernemer-met-baan, zegt Van Westing. „Je ziet dat beleidsmakers nog steeds niet weten wat ze met die zzp’ers aan moeten.
De overheid denkt heel traditioneel in werkgevers en werknemers die op kantooruren op een vaste plek aan het werkzijn, terwijl we inmiddels in een heel andere economie terechtgekomen zijn.” Zo is het voor deeltijdondernemers vaak lastig om door de Belastingdienst
erkend te worden als ondernemer. Hun inkomsten worden lang niet altijd beschouwd als winst uit onderneming, maar als resultaat uit overige werkzaamheden. „Daardoor missen ze niet alleen allerlei belastingvoordelen voor ondernemers, maar lopen ze soms ook
opdrachten mis. Hun opdrachtgevers willen er namelijk zeker van zijn dat ze als ondernemer worden gezien, om te voorkomen dat zij achteraf loonheffing moeten betalen”, zegt Van Westing. Sinds vorig jaar heeft PZO een zetel in de SER (Sociaal-Economische Raad). „Daar kaarten we ook de belangen aan van de hybride ondernemers. Maar voorlopig loopt de wetgeving nog ver achter op wat er in de
maatschappij gebeurt.”
’Fulltime in loondienst is niet afwisselend genoeg’
Joyce Croonen (26) en Liza Luesink (23), beiden sociaal-psycholoog, werken allebei 27 uur per week als onderzoeker bij de elastingdienst
en hebben daarnaast hun eigen bedrijf, Otherweyes. „Organisaties kunnen ons inhuren als ze het gedrag van medewerkers of klanten willen beïnvloeden”, zegt Croonen. „Bijvoorbeeld een ziekenhuis, waar artsen de behandelingen die ze uitvoeren moeten registreren in een computersysteem.
Zij doen dat onvoldoende.” „Wij onderzoeken nu hoe je ervoor kunt zorgen dat ze het systeem goed gebruiken. Of neem een technisch bedrijf dat met veiligheidsvoorschriften werkt. De monteurs moeten zich aan regels houden, zoals een helm dragen. Dat gebeurt te weinig. Wij bedenken hoe we de monteurs zo ver krijgen dat ze dat wel doen.” Ze werken zo’n 50 tot 60 uur per week. „Ook ’s avonds en in het weekend”, zegt Croonen. „Een offerte móet de deur uit, ook als je liever iets anders wilt doen.” Fulltime in loondienst werken, zien ze niet zitten. „Niet afwisselend genoeg”, vindt Luesink. „Wij houden van snel schakelen, steeds iets anders doen en met andere onderwerpen bezig zijn. En steeds rondkijken in andere organisaties.” Toch kiezen ze bewust niet voor het fulltime ondernemerschap. „Over een paar waarschijnlijk jaar wel”, zegt Croonen. „Dan willen we ook mensen in dienst nemen.” Maar nu willen ze vooral ervaring opdoen.
„Als je afstudeert, heb je geen idee van de manier waarop grote organisaties functioneren”, zegt Croonen. „In vaste dienst bij een verheidsorganisatie leer je andere dingen dan wanneer je als buitenstaander af en toe binnenkomt.”
en hebben daarnaast hun eigen bedrijf, Otherweyes. „Organisaties kunnen ons inhuren als ze het gedrag van medewerkers of klanten willen beïnvloeden”, zegt Croonen. „Bijvoorbeeld een ziekenhuis, waar artsen de behandelingen die ze uitvoeren moeten registreren in een computersysteem.
Zij doen dat onvoldoende.” „Wij onderzoeken nu hoe je ervoor kunt zorgen dat ze het systeem goed gebruiken. Of neem een technisch bedrijf dat met veiligheidsvoorschriften werkt. De monteurs moeten zich aan regels houden, zoals een helm dragen. Dat gebeurt te weinig. Wij bedenken hoe we de monteurs zo ver krijgen dat ze dat wel doen.” Ze werken zo’n 50 tot 60 uur per week. „Ook ’s avonds en in het weekend”, zegt Croonen. „Een offerte móet de deur uit, ook als je liever iets anders wilt doen.” Fulltime in loondienst werken, zien ze niet zitten. „Niet afwisselend genoeg”, vindt Luesink. „Wij houden van snel schakelen, steeds iets anders doen en met andere onderwerpen bezig zijn. En steeds rondkijken in andere organisaties.” Toch kiezen ze bewust niet voor het fulltime ondernemerschap. „Over een paar waarschijnlijk jaar wel”, zegt Croonen. „Dan willen we ook mensen in dienst nemen.” Maar nu willen ze vooral ervaring opdoen.
„Als je afstudeert, heb je geen idee van de manier waarop grote organisaties functioneren”, zegt Croonen. „In vaste dienst bij een verheidsorganisatie leer je andere dingen dan wanneer je als buitenstaander af en toe binnenkomt.”
Voor- en nadelen van deeltijdondernemerschap
Ongunstig
Om in aanmerking te komen voor forse belastingvoordelen voor ondernemers, zoals de zelfstandigenaftrek (afhankelijk van de winst maximaal 9.484 euro) en de startersaftrek (2.123 euro) moet iemand minstens 1.225 uur per jaar als ondernemer werken. Bij vijf weken vakantie en 47 werkweken per jaar, komt dit neer op een werkweek van minstens 26 uur. Dat is een hoge drempel voor ondernemers
die ook in loondienst werken.
Gunstig
Om deeltijdondernemerschap te stimuleren kunnen ondernemers sinds 2010 ongeacht het aantal uren dat ze in hun eigen bedrijf werken gebruikmaken van de MKB-winstvrijstelling. Ze mogen 12 procent van hun winst aftrekken, zodat ze minder belasting betalen.
Dit geldt alleen voor ondernemers die door de Belastingdienst als ondernemer worden beschouwd en niet voor degenen wier inkomsten worden gezien als ‘resultaat uit overige werkzaamheden’.
Om in aanmerking te komen voor forse belastingvoordelen voor ondernemers, zoals de zelfstandigenaftrek (afhankelijk van de winst maximaal 9.484 euro) en de startersaftrek (2.123 euro) moet iemand minstens 1.225 uur per jaar als ondernemer werken. Bij vijf weken vakantie en 47 werkweken per jaar, komt dit neer op een werkweek van minstens 26 uur. Dat is een hoge drempel voor ondernemers
die ook in loondienst werken.
Gunstig
Om deeltijdondernemerschap te stimuleren kunnen ondernemers sinds 2010 ongeacht het aantal uren dat ze in hun eigen bedrijf werken gebruikmaken van de MKB-winstvrijstelling. Ze mogen 12 procent van hun winst aftrekken, zodat ze minder belasting betalen.
Dit geldt alleen voor ondernemers die door de Belastingdienst als ondernemer worden beschouwd en niet voor degenen wier inkomsten worden gezien als ‘resultaat uit overige werkzaamheden’.
‘Ik geniet van lesgeven, maar ook van mijn bedrijf’
Erik van Kranenburg (27) is drie dagen per week leraar aardrijkskunde op scholengemeenschap Leo Vroman in Gouda en heeft daarnaast zijn eigen bedrijf, Keloid Media. Hij ontwikkelt computeranimaties, spellen en websites. „Als ouderejaars student informatica begeleidde ik eerste- en tweedejaars studenten. Dat beviel zo goed dat ik het onderwijs in wilde. Maar informatica op middelbare scholen ging destijds
niet verder dan Windows, Word en Powerpoint, nogal oppervlakkig. Aardrijkskunde leek me leuker. Ik ben een enthousiaste backpacker.”
Nadat hij zijn studie informatica had afgerond, volgde hij in deeltijd de lerarenopleiding aardrijkskunde. Sinds 2007 is hij docent en ondernemer.
„Ik geniet van de omgang met mijn leerlingen, maar ook van geconcentreerd werken achter een beeldscherm. Ik wil het geen van beide
missen.” Als ondernemer werkt hij voor verschillende kleine en grote opdrachtgevers. „Je bouwt een netwerk op en je rolt van het een in het ander.” Zo ontwikkelde hij voor het Erasmus Medisch Centrum een interactief onderzoeksprogramma naar pestgedrag op basisscholen en ontwierp hij een online juridische vacaturebank. „Maar dankzij mijn vaste inkomen als leraar kan ik ook experimenteren met producten die niet direct geld opleveren. Zo heb ik Kubika ontwikkeld, een puzzelspel voor de iPhone. Nu werk ik aan een complexer spel. Ik probeer mezelf op een steeds hoger niveau te brengen.”
niet verder dan Windows, Word en Powerpoint, nogal oppervlakkig. Aardrijkskunde leek me leuker. Ik ben een enthousiaste backpacker.”
Nadat hij zijn studie informatica had afgerond, volgde hij in deeltijd de lerarenopleiding aardrijkskunde. Sinds 2007 is hij docent en ondernemer.
„Ik geniet van de omgang met mijn leerlingen, maar ook van geconcentreerd werken achter een beeldscherm. Ik wil het geen van beide
missen.” Als ondernemer werkt hij voor verschillende kleine en grote opdrachtgevers. „Je bouwt een netwerk op en je rolt van het een in het ander.” Zo ontwikkelde hij voor het Erasmus Medisch Centrum een interactief onderzoeksprogramma naar pestgedrag op basisscholen en ontwierp hij een online juridische vacaturebank. „Maar dankzij mijn vaste inkomen als leraar kan ik ook experimenteren met producten die niet direct geld opleveren. Zo heb ik Kubika ontwikkeld, een puzzelspel voor de iPhone. Nu werk ik aan een complexer spel. Ik probeer mezelf op een steeds hoger niveau te brengen.”
Nieuwe vacatures





